HET KAMP VAN BRASSCHAAT: Van het ontstaan tot op heden...(2002) Dit werkje is ontstaan na veel gesnuffel in boeken, tijdschriften en brochures, het bestuderen van foto's en postkaarten alsook het uitpluizen van kaarten en plannen. 1817 Bij de troepenmacht welke het leger van Napoleon versloeg te Waterloo op 18 juni 1815, was ook ons landje vertegenwoordigd. Bij het leger der Nederlanden was er bij de artillerie een afdeling Rijdende Artillerie onder bevel van Krahmer en bemand door kanonniers uit de zuidelijke Nederlanden. (zie ook historiek 19de Regiment Artillerie te Paard of 19 ACh nu samen met 17 en 18 de RACh vormende) Deze batterij kwam op een kritiek moment tussen met het latere afdruipen van de Franse eenheden tot gevolg. Het leger der Nederlanden dat nadien in ons land verbleef onder het opperbevel van Prins Frederik, zoon van Koning Willem, zocht op ons grondgebied naar een geschikt terrein om de de troepen te oefenen. Na verkenningen in de streek van Mechelen-Bonheiden kwam de omgeving van Brasschaat, behorende bij Ekeren, aan de beurt. Langs de steenweg van Antwerpen naar Breda ter hoogte van het huidige Maria-ter-Heide, waar de kasseiweg overging in zandweg, lag zowel langs de rechter- als de linkerkant onontgonnen heidegrond. Een schets uit die tijd (zie bijlage) geeft meer uitleg waarom de linkerkant de voorkeur kreeg op het terrein rechts. De zone zelf was voor de eenheden gelegen in de garnizoenen Antwerpen, Breda en Bergen-op-Zoom gemakkelijk te bereiken en in de omliggende dorpen van het beoogde oefenplein konden meer dan 2.000 soldaten en hun paarden gekantonneerd worden. Verder was er langs de steenweg de smidse en ijzergieterij van Sieur (uitdrukking voor: “Heer“, nog gebruikt in documenten tot na 1920) Walschot, welke over werkplaatsen en hangars beschikte. Van doorslaggevende aard was er verder het feit dat de Nederlandse generaal Finé in 1771 een grondstuk van 25 bunders (25 ha) verkregen had van baron de Beelen. (eigenaar van bijna heel de streek) Uiteindelijk liep er, iets ten noorden, een riviertje dat bijna nooit droogviel en in de heide zelf moest men slechts enkele spadesteken diep graven om aan drinkwater te geraken. 1818 en 1819 Waarschijnlijk bij wijze van proef werd er, volgens de overlevering, in het kamp reeds met kanonnen geschoten in deze periode. 1820 Op 20 april wordt de Brasschaatse Heide, bij Koninklijk Besluit van Koning Willem, als oefenterrein geadopteerd. Het grondstuk dat toen afgehuurd was, werd begrensd door de huidige Koningslei, Koninginnelei, Prins Karellei en de Mercierlei. Het werd naar de 2de zoon van de Koning, Prins Frederik, als Frederiksplein ingeschreven en het is onder deze benaming nog terug te vinden op oude dokumenten. (Frederik was grootmeester in de artillerie) Vermits Brasschaat toen nog bij Ekeren behoorde, ging alle briefwisseling via deze gemeente. Aankondigingen betreffende het schieten met scherp door de kanonnen, werden ook in Kapellen teruggevonden, omdat er een weg behorende tot die gemeente, door het schietveld liep. Veiligheid voor alles! Prins Frederik bezocht regelmatig de schietoefeningen en logeerde dan waarschijnlijk in het jachtpaviljoen op het landgoed van generaal Finé. Oude plannen spreken ook van het Frederikshof, zuidelijk van het Frederiksplein gelegen. (latere park officieren) 1830 Na lokale politieke schermutselingen tussen Brasschaat en Ekeren staat Koning Willem de loskoppeling van Ekeren toe. In de hoofdstad boterde het ook niet bijzonder goed, er kwamen kanonnen bij te pas en de reeds vernoemde Krahmer werd gedood, terwijl hij op de barricade het vuur leidde tegen de Belgische vrijheidsstrijders. De Nederlanders verlieten ons grondgebied op de versterkte vesting Antwerpen na. Onze troepen achtervolgde de Nederlanders en zo lezen wij dat het hoofdkwartier van generaal Mellinet (1.450 manschappen) te Wuustwezel lag. Anderen bezetten Kapellen, Kalmthout en Hoogstraten. (40.000 manschappen) Het is dan 13 november, enkele dagen later op 20 november pogen de Belgen Essen in te nemen. Kapitein Carolly, welke de Nederlandse troepenmacht uitdaagde te Roosendaal, bracht één krijgsgevangene en enkele kanonnetjes mee. Hij werd voor deze uitval door zijn meerdere berispt en trok zich met zijn compagnie op Kalmthout terug. Nadien heroverde de Nederlanders Essen waarbij 6 doden vielen. Zij namen ook 13 vrijwilligers gevangen. In Kalmthout kreeg men toen het bezoek van de 6de Compagnie van de 2de Batterij Vrijwilligers uit Namen, welke zich eerst terugtrok in april 1831. Te Wuustwezel werd op 24 juni 1831 een der vrijwilligers van Mellinet vermoord aan de Duiventoren, op het grondgebied van Gooreind. Waarschijnlijk gebeurde dit omdat door de troepen veel bossen gekapt werden. Het hout moest dienen ter verwarming en om te koken. 1831 Buiten dat wat hierboven vermeld werd, is de poging van Nederland om ons grondgebied terug in te palmen, duidelijk meer van belang. Hun opzet mislukte, dankzij de tussenkomst van Franse troepen die ons land ter hulp kwamen. 1832 Opnieuw waren Franse eenheden nodig, ditmaal om de Nederlanders na hevige bombardementen in het Antwerpse, voorgoed van ons grondgebied te verdrijven. De staf van de Franse generaal Gérard lag in het kamp. De troepen zelf lagen in de grote omgeving gekantonneerd. Het Bevrijdingsleger bleef in de streek van 25 september 1832 tot begin 1834. 1836 Van deze periode lezen wij dat onze legerleiding interesse toont voor het gebruik van het kamp en dat men begon met de aanleg van het park. 1837 Eerste meldingen van schietoefeningen door onze Belgische artillerie. 1839 Vanaf nu zal de schade, door de troepen veroorzaakt tijdens de oefeningen, aan de burgerbevolking vergoed worden. (voorschrift van het Ministerie) Er zijn dit jaar te Brasschaat ook proeven gehouden met geweerkogels. Het gewicht van het poeder kwam van 13 gram op 10,5 gram. 1842 Graaf Baillet - Moretus laat op zijn domein gebouwen en stallingen zetten welke hij samen met de percelen aan het leger verhuurde. 1845 De schietoefeningen in de heide staan nu onder de leiding van de commissie voor proefnemingen. Men kan vanaf nu ook spreken van de jaarlijks terugkerende schiet-oefeningen voor de eenheden. Deze schietoefeningen zullen telkens doorgaan van mei tot september. De Plaats Antwerpen leverde hiervoor de commandant, de staf en het technisch personeel. Ander personeel kwam van de school voor pyrotechniekers en van het constructiearsenaal. De kanonnengieterijen lieten hun nieuwste ontwerpen testen. Metalen affuiten kwamen in de plaats van de eiken onderstellen en de munitie verbeterde. 1852 Het KB van 5 oktober voorzag in de oprichting van permanente installaties in het kamp. Tenten en de strohutten, waarin de troepen op oefening verbleven, verdwenen en er kwamen stenen gebouwen in de plaats. Zeven lage blokken voor de troepen, onmiddellijk daarachter zeven gebouwen voor de onderofficieren. Nog iets meer naar het zuiden kwamen blokken voor lagere- en hogere officieren. In het park werden enkele woningen voor de commandant en zijn adjunkten opgetrokken. Aan de noordzijde van de troepenblokken bleef een brede zandweg, het Front de Bandière, behouden. Hier verzamelden de troepen al of niet met hun door paarden getrokken kanonnen en munitiewagens. Noordelijk van deze weg kwam het wachtlokaal, de keuken voor de troep en die voor de onderofficieren. Verder was daar ook de infirmerie. Voor de officieren kwam er in het park een mess. In het domein tussen het wachtlokaal en de Koninginnelei trof men de gebouwen voor poeder en granaten, het magazijn voor de ballistiek en de schrijnwerkerij alsook het gebouw voorzien voor de conducteur van het artilleriematerieel en een laboratorium aan. Tussen de troepenblokken en de Koningslei bouwde men vier stallen waar ruim driehonderd paarden een onderkomen vonden. De stalwachters hadden er hun verblijven en op de zolder was er plaats voor hooi en haver dat met behulp van katrollen naar boven gehesen werd. Hier en daar tussen al deze gebouwen plaatste men waterpompen. 1856 De eerste proeven met kanonnen voorzien van een getrokken loop worden uitgevoerd. Het zijn een 18 ponder en een Zweeds kanon van 24, systeem Wahrendorf, welk langs de achterzijde (kulas) kon ègeladen worden. De aanvangssnelheid kon reeds gemeten worden dankzij het toestel ontworpen door kapitein Navez. Afstanden werden gemeten met de telemeter van Gautier. 1859 Met het verbeterde materieel wordt een dracht van 4.000 meter bereikt en men is verplicht gronden in de richting van Kalmthout en Kapellen bij te kopen. Het schietveld heeft dan een oppervlakte van 415 ha. 1865 De artillerieofficieren schenken aan het kamp een arduinen standbeeld met het borstbeeld van Koning Leopold I. Het wordt in eerste instantie op ons huidig vaandelfront gezet maar zal later (na 1918) naar het park verhuizen waar het heden nog staat. Later komt in het park ook een standbeeld ter ere van kolonel de Liem, welke als vader der Belgische artillerie beschouwd wordt. 1871 Naast de aankoop van Pruisische kanonnen van 4 en 6, is er eveneens een aankoop van kanonnen met getrokken loop en geladen langs de kulas. Deze laatsten hadden hun vuurdoop reeds gekregen in Italie, tijdens de slag van Solferino. Onze artillerie was dus "up to date". Om het gebruik der nieuwe stukken aan te leren wordt een school voor het kader opgericht. De officieren en de onderofficieren welke er opgeleid worden zullen later het onderricht geven in hun eenheden. 1887 Er is een stoomtramverbinding tussen Antwerpen en Maria-ter-Heide. 1889 Allerlei verbeteringen, zoals het nikkelstaal voor de getrokken lopen, de nieuwe vorm van de projectielen (cylindrisch-ogivaal) met een koperen forceerband (voor de oudere projectielen welke afgevuurd moesten worden met de getrokken lopen, werd een omslag in lood gegoten om de draaiende beweging te verkrijgen), beter poeder dat minder vlam en rook gaf, het rem- en voorbrengsysteem gekoppeld aan de metalen affuit zorgden ervoor dat de dracht steeds bleef verhogen. Onze polygoon (*) werd te klein maar gelukkig lag er rechts van de baan naar Breda nog heidegrond, vol hellingen, venen en moerassen welke in 1820 niet zo geschikt bevonden werd. Dit terrein met een oppervlakte van 1170 ha en 9 km diep was de ideale oplossing. De onderhandelingen met de verschillende gemeenten, welke gronden op het beoogde domein hadden liggen, kon beginnen. * Opm: polygoon is (a) een veelhoek en (b) volgens de krijgskunde een terrein waar artillerievuren doorgaan of oefeningen gehouden worden. 1894 Het kamp beschikt nu over twee schietvelden. Terwijl de werken nog bezig zijn op het groot schietveld (GSV) kunnen er reeds vuren doorgaan ten voordele van het proefcentrum. Voorlopig blijven de schietoefeningen voor de artillerie eenheden nog doorgaan op het KSV. (klein schietveld) Meer en meer echter wordt dit KSV ook gebruikt door de infanterie, de genie en de burgerwacht. Tijd dus om weer te bouwen en de G-blokjes worden neergezet. Deze blokjes zullen na jarenlang gebruik door verschillende eenheden in 1997 gedeeltelijk afgebroken worden (volgens de plannen komt er In de omgeving een sportcomplex). Zoveel troepen, dat betekende ook dat er veel veldwerken konden gebeuren. De artilleristen van de vestingstroepen waren hiervoor het best geplaatst. De stellingen werden steeds aangepast om de soldaten de indruk te geven dat zij werkten zoals in werkelijke oorlogsomstandigheden. Ter hoogte van de Bondgenotenlei (aan het sportstadion) was er de stelling voor de belegeringsartillerie. Zij namen, via een netwerk van loopgraven, een soort halvemaanvesting onder vuur welke gelegen was aan de huidige laadkade van het vliegveld. De artillerie te paard (niet alle kanonniers rijden te paard, enkelen zitten op het kanon of munitiewagen) en de rijdende artillerie (alle kanonniers rijden te paard) namen in galop stelling op het plein B33, waar ook het veiligheidssignaal stond. Voor hun doelen werden schijven opgesteld de dag van het schieten zelf. De vestingtroepen vuurden vanop een talud ter hoogte van de groententuin. (A99) zij vuurden op allerlei veldwerken in het plein. Prettige anekdote: zowel aan het talud van de vestingtroepen als aan de halvemaan was een gracht. De eerste was voorzien voor het bad van de troep, terwijl de andere door de officieren mocht gebruikt worden. Rechts in het schietveld was een helling met daarop het vooruitgeschoven wachtlokaal (tussen de eerste en de tweede transversaal) en links in het veld, voorbij de tweede transversaal schuilden de waarnemers en het personeel dat de schijven plaatsten in een bunker. (Later nieuwe constructie gebruikt voor het testen van munitie voor vernieling van betonconstructies) Deze twee constructies bestaan nog. De reden van een bewaking lag voor de hand. Na elk vuren werd een karwei in het plein gezonden om het schroot en de projectielen niet gevuld met springstof te verzamelen. De soldaten kregen na het verzamelen van het metaal onmiddellijk geld, dat zeer welkom was om een Faro of een Lambik te drinken in de kantien. Maar... de burgers van Brasschaat en Gooreind waren ook op deze kleine winst uit, enkele onder hen schrokken er niet voor terug om zelfs tijdens het vuren in het plein schroot te verzamelen. Er vielen dan soms ook gekwetsten bij het ontmantelen van blindgangers (zij verkochten hun buit aan de schroothandelaars uit het Antwerpse). Om een pintje te drinken hadden de troepen op oefenperiode niet veel keuze. Enkel de kantien, opengehouden door een burger, was toegankelijk. Het kwartier verlaten was alleen toegestaan aan het kader. Enkel voor de misviering op zondag werd een uitzondering gemaakt, andere vergunningen voor de soldaten moesten aan de commandant van het kamp voorgelegd worden. In elk geval, wanneer wij het uurrooster bekijken, had niemand veel lust om uit te gaan. Wekken om 0430 u. (kanonschot vanaf het wachtlokaal afgevuurd door de postcommandant). Zij die van dienst zijn halen snel koffie en het rantsoen brood voor de ganse dag af aan de keuken en dit voor al hun blokgenoten. Na een snel toilet starten dan allerlei karweien zoals: kuisen van de kamers met nat zand (water was verboden op de planken vloer), verzorgen der paarden (stalwachters), aanhalen van enkele kruiwagens hout voor de keukens, ledigen van de pisbakken, aanhalen van water aan een der pompen. (ordonnansen van het kader) Andere karweien zullen na de eerste verzameling van de dag doorgaan zoals: zuiver maken van de stallen door het weghalen van de laag stro en het uitgraven van de onderste zandlaag tot op een bepaalde diepte en vervangen door een nieuwe laag zand afkomstig van het schietveld. Daarna nieuw stro leggen en de vooraf verzamelde mest per kar naar de verschillende tuinen voeren. Voor de andere troepen waren er ondertussen de verschillende voorziene vuren af te werken op één der stellingen, of veldwerken uit te voeren. Deze diensten werden even onderbroken door het middagmaal en na het laatste vuren van de dag werd het avondmaal genomen. Dan volgde voor iedereen, behalve voor de gestraften en de dronkaards, de karwei voor het verzamelen van de scherven en nog volledige oefengranaten. Bij de aankomst van deze karwei in de doelzones, konden de ruiters, welke het plein bewaakten vanaf het laatste schot van de dag tot nu, hun avondmaal gaan nemen. Gewoonlijk eindigde de laatste dienst rond zeven uur 's avonds, maar om 2100 u. moest iedereen reeds terug op de kamer zijn. Het doven van vuren en lichten werd om 2130 u. geblazen. Dat was ook de tijd dat de onderofficieren het kwartier moesten vervoegen. De officieren kwamen op eigen initiatief via de privaatweg binnen (Mercierlei, Hollandese poort) of zij waren nog bezig met het spelen van een partij bridge in de mess. 1895 Op het KSV werd een schietstand voor infanteriewapens afgewerkt. Twee van de blokken voor de troep, aan het Front de Bandière, worden gerenoveerd tot blokken met meer comfort en voorzien van een verdieping. Tegenover de stallen komt de kleine manege (huidige turnzaal), terwijl op het GSV de "Koepel" van het model der Forten van Namen, een soort klein fortje, afgewerkt wordt. De restanten van deze bouwplaats dienen nu voor het testen van voertuigen. Het dekpanster (38 Ton) van de koepel bevindt zich nu in het Museum. 1903 Grote firma's zoals: Cockerill, Saint-Chamond, Creusot, Krupp, Skoda en Nordenfelt komen met elkaar wedijveren tijdens de testen van hun materieel op het GSV. Op een bepaald ogenblik wint een batterij uitgerust met Krupp het van een batterij Saint-Chamond en al snel zal Cockerill en de Koninklijke Kanonnengieterij beginnen met de aanmaak van onze 75 mm naar de plannen van Krupp. Dit artilleriestuk en de verbeterde versie, zal door ons leger gebruikt worden tot 1940. (opm: lange en korte loop, affuit in twee delen) 1904 In het park brand de officiersmess af. 1906 De nieuwe officiersmess is klaar en zij staat er nu nog, alhoewel er in de loop der jaren wel veranderingen aan gebeurden. Zij moest onderandere hersteld worden na de bombardementen van de WO II. De plaats van de oude mess is nog te herkennen aan het kleine talud voor de huidige mess, hieronder zouden zich de fundamenten der afgebrande mess bevinden. 1910 Er wordt gewerkt aan een nieuwe stafblok (A42) op de Koningslei. Dit jaar is er ook de ontploffing van een poedermagazijn. Het betrof het magazijn van een zekere Mr. Delpiere. Het poeder was bestemd voor testen met een houwitser van 25 c. (9 november) Er vielen verschillende slachtoffers, welke op hun plaats van herkomst begraven werden. 1911 Het ontstaan van het vliegveld en de eerste gebouwen langs de Bondgenotenlei noteren wij hier. 1913 In de omgeving van het huidig POL station ontstaan de gebouwen van de Dépot de Remonte d'Armee. Deze eenheid staat in voor het onderzoek van de overal in Europa aangekochte paarden. Hiervoor heeft veearts Neefs een eigen laboratorium waar hij de nieuwste geneesmiddelen uittest op ratten. De zieke paarden komen in afzonderlijke boxen in de stallen links en rechts van het hoofdgebouw. De anderen worden ondergebracht in grotere stallingen op het terrein. Trekpaard of rijdier, allen worden met dezelfde liefde verzorgd door de soldaten, die soms van de omliggende gemeenten waren en hier dienst deden. In de onmiddellijke omgeving van het kamp is er ondertussen ook een aardig stukje steen op elkaar gezet en beton gegoten. Het fortje van Kapellen werd oorspronkelijk gebouwd met als opdracht, de verdediging van de spoorlijn naar Roosendaal. Het was klaar in 1897 en werd bezet door de 1ste batterij van 6A. (latere benaming was: 1ste Vestingbatterij) Verder is er het begin van de werken van de kazerne van Hoogboom. Het fort van Brasschaat en de Schans van Driehoek worden door de firma Bolsee en co in 1912 klaargestoomd. De tramlijn Antwerpen - Kamp, wordt geëlektrificeerd. Er wordt een extra treinspoor-verbinding tussen alle forten aangelegd welke moest dienen voor de bevoorrading, maar uiteindelijk heeft er nooit een trein hoeven te rijden. Aan afbraak werd er ook gedaan, want omdat de oorlogsdreiging dichter kwam, werden gebouwen welke in het schootsveld van de kanonnen der forten stonden met de grond gelijk gemaakt. (klooster Bethanie en de Borgerhoutse schoolkolonie) Uiteindelijk werd er tijdens WO I geen schot gelost vanuit de forten uit onze omgeving. Terug naar het kamp zelf nu, waar de twee blokken hotel officieren afgewerkt worden en alle nog niet vernieuwde blokken van het Front de Bandière een facelift krijgen. 1914 Het GSV wordt uitgerust met een permanente telefooncentrale. Zowat overal in het kamp verschijnen woningen voor gehuwde onderofficieren. Meerdere gebouwen worden neergezet in de zone GSV. Men richt er ook de ballistische berm op welke er voor zorgt dat tijdens de testen het terrein vrij blijft voor andere oefeningen. Een manege en stallingen zijn de voorlopers van de latere cavalleriekazerne. De rijschool van Ieper sloot in 1913 haar deuren en kwam naar Brasschaat, waar onze ruiters nu gevormd worden. Aan de Nieuwpoortlei wordt een begin gemaakt tot het oprichten van gebouwen voor de latere school voor hoefsmeden. Dan is er .... WO I. De vermeldingen op de Standaarden der Artillerie bewijzen dat hun opleiding meer dan goed was. Van de bezetting door de Duitsers weten wij dat zij in het kamp een smalspoor aanlegden en dat er ook een verbinding kwam met het buurtspoorwegnet. 1918 De dienst der gebouwen en de DRA zijn de eersten welke na de oorlog terug naar de polygoon kwamen. Onze volledig gereorganiseerde artillerie zal voorlopig oefeningen doen in het door de Duitsers geïnstalleerde kamp van Elsenborn. 1919 De school keert terug naar het kamp. Het GSV zal verder door het proefcentrum en door de leerlingen gebruikt worden, terwijl de andere artilleristen Elsenborn zullen gebruiken. In het kamp komt de Dienst voor Doelenopsporing (SRA), zij zullen op het GSV waarnemings-posten oprichten. De plannen, voor een in het Kamp opnieuw op te bouwen theater dat tijdens de oorlog in Eggewaertskapellen stond, worden getekend. 1920-1921 De werken aan het Koninginnentheater worden gestart en het gebouw is in zijn eerste faze in 1921 klaar. Een volledig nieuwe kazerne aan de Sint Jobse Stwg. zal de cavallerie herbergen. Op 16 november 1921 verhuist de cavallerieschool van Tervuren naar Brasschaat. In het kamp wordt de grote manege A31 gebouwd. Op het grondgebied Gooreind wordt een 40 meter hoge waarnemingstoren rechtgezet, welke door de Duitsers opgezet was te Hekelgem aan het front. Om de basis van deze toren te plaatsen en ook de verankeringskabels te kunnen bevestigen, werd extra grond gekocht. (omgeving kerk, links van de baan) 1922-23 Op het KSV komt een schietstand voor infanteriewapens, er zijn elektro-magnetische schietschijven. De inplanting van deze schietstand kan men links en ten noorden van het vliegplein situeren. Aan de rechterkant van de Bondgenotenlei richt de SRA een semafoor op (telegraafmast). In het park komen villa's voor gehuwde officieren terwijl overal in het kamp woningen voor gehuwde onderofficieren de reeds bestaanden komen aanvullen. De nieuwe kazerne B33 en het Koninginnetheater (zie verder voor extra artikel over dit gebouw) worden afgewerkt. De SRA bezet B33 en de genie bezet de G-blokjes, in afwachting van de te bouwen kazerne aan het fort, waar zij hun eigen polygoon zullen krijgen. Aan de Nieuwpoortlei is er nu ook de school der hoefsmeden. Het smalspoor, type Decauville, wordt regelmatig door het personeel van het kamp benut. Op het GSV komt een watertoren en een zuiveringsstation met pompen. 1924 In deze naoorlogse periode worden door de cavallerieschool heel wat ruiters gevormd. Zowat overal in het domein van het kamp zijn rijpistes te vinden. Men richt wedstrijden in en zelfs in het buitenland kent men de faam van onze ruiters. Aan de G-blokjes komt een onderofficiersmess en men bouwt er ook de twee grote G-blokken. Het gebouw F10 wordt opgetrokken en er komt een apotheek in. Steeds komt er nieuw artilleriematerieel uit en de dracht verhoogde nog immer, maar het schietveld nog meer uitbreiden zat er niet in. De oplossing kwam er door buitenstellingen in te richten zoals aan de Pauwelslei (het Zand) en later te Schoten. Het Belgisch artilleriepark was in die tijd een mengelmoes van lichte- en zware artillerie-stukken. Kanonnen met de benaming kort en lang, mortieren en houwitsers, loopgraafmortieren waaronder deze van Van Deuren, veldartillerie en luchtdoelartillerie naast deze van de forten en die van de kustbatterijen. Men trof allerlei kalibers aan, sommige van eigen produktie, andere van onze geallieerden of buitgemaakten. Maar vooral werd het tijd om weer nieuw materieel te ontwerpen, want door de oorlog was vooral de beweeglijkheid in vraag gekomen. De trekker op wielen of op rupsen was niet meer weg te denken en deze hypomobielen deden dan ook hun intreden in het kamp. Een andere nieuwigheid was de ballon van de SRA. Menig artillerist kreeg hiermee zijn luchtdoop. De spoorwegverbinding van het kamp met Kapellen kwam tot stand en op een zijspoor aan de grote laadkade van het vliegveld was de 240 en de 280 mm spoorwegartillerie te bewonderen. Dichterbij, aan het oude wachtlokaal, stond de 170 mm. De eenheid ALVF (Frans voor zware spoorwegartillerie) was hiervoor verantwoordelijk. Onder impuls van kardinaal Mercier komt er naast het park een school voor de Franstalige kinderen. Het zijn de zusters Maristen, komende van Frankrijk, welke de school zullen openhouden tot de jaren negentig. 1928 Dankzij de generaal majoor Mercier wordt het “Artillerie Tehuis“ gesticht. De officieren brachten veel waardevolle voorwerpen bij elkaar zodat de officiersmess omgetoverd werd in een klein museum. Het lager kader en de troep werden niet vergeten en dankzij de tussenkomst van de aalmoezenier kwam er op de Kapellei een “Soldaten Kring“. In het gebouw was een kleine bioscoop en een biljartzaal. Op de tekentafel ontstonden de plannen voor het Belgisch antitankkanon dat in 1937 in dienst zal komen in de eenheden. Verder worden een 105, een 120 en een 155 klaargemaakt voor onze artillerie. Voor deze nieuwe stukken zijn de traktoren van Minerva, FN en Kégresse betrokken bij allerlei tests. 1929 In het GSV, op het domein van het proefcentrum komt een zandkamer. In de betonnen constructie, gevuld met zand, kunnen de projectielen na een korte gestrekte kogelbaan opgevangen worden. In de artillerieschool worden garages en hangars gebouwd en aan de Nieuwpoortlei komt een zuiveringsstation. Het 3de Lanciers komt vanuit Brugge en bezet een gedeelte van de cavalleriekazerne en de G-blokjes in de artillerieschool. Door deze splitsing vinden wij twee eskadrons in het kwartier Oost en de staf, een eskadron en het schooleskadron in het kwartier West. De genie was ondertussen verhuist naar de gebouwen van de polygoon aan het fort. 1930 Koning Albert I bezoekt Maria-ter-Heide en de installaties van het kamp. De schoolbatterijen van de actieve eenheden zenden hun leerlingen naar Brasschaat voor een afsluitende maand opleiding met werkelijk vuren op het GSV. 1937 Tijdens een oefening met springstoffen op de genie polygoon, komen acht officieren van de cavallerie en de gendarmerie om, enkele anderen, waarbij een onderofficier, werden zwaar gekwetst. 1938 Op de plaats van het bovenvernoemd onheil werd een monument opgericht ter nagedachtenis van de slachtoffers en nu worden nog regelmatig plechtigheden gehouden om deze droevige gebeurtenis te herdenken (oktober – Sch voor Ps Tpn Leopoldsburg – Tradities 3 L). 1939 Algemene mobilisatie en duizenden soldaten verblijven op ons grondgebied en dat van de omliggende gemeenten. De grens wordt bewaakt, bruggen en wegen worden ondermijnd. 1940-1944 Prins Boudewijn bezoekt de school. De oorlogsdreiging is nu werkelijkheid geworden en de leerlingen zullen, tot hun aflossing, stellingen in de omgeving van de Pauwelslei bezetten. De school en het proefcentrum zullen naar Frankrijk uitwijken om daar hun taak voort te zetten. Franse troepen op weg naar de grens met Nederland, passeren Maria-ter-Heide en worden op de Bredabaan onder vuur genomen door Duitse vliegtuigen. Tijdens de latere bezetting verbleven verschillende Duitse eenheden in onze omgeving. In het kamp zelf verblijven de Maaglijders of het Witte-Brood Bataljon en een transmissie-eenheid naast een afdeling van de ERLA-werken (vliegtuigfabriek) welke op het vliegveld actief is. In het Hof van Koch verbleven oorspronkelijk PW bewaakt door Wit-Russen die meevochten aan de kant van Duitsland. Nadien kwam er een munitiedepot en was het domein omgeven door prikkeldraad en lagen er mijnen. Deze Schuhminen zullen tijdens de bevrijding zowel aan de Canadezen als aan de burgers op zoek naar oorlogsbuit vele kwetsuren toebrengen met amputaties van voeten of ledematen tot gevolg. Er lagen troepen in het fort van Kapellen en in de kazerne van Hoogboom. De hogere officieren verbleven met hun staf en de bewakingstroepen in de verschillende grote domeinen. Op het POLOPLEIN (naast het fort van Kapellen) kwam een noodvliegveld en in alle percelen waar noodlandingen konden plaatsvinden werden de ROMMELASPERGES in de grond gepland. (houten palen) Verschillende personen zouden in het kamp zijn doodgeschoten en ooggetuigen spre- ken van een 80-tal witte kruisjes langsheen de weg van het vliegveld nabij de laadkade waar de PW's van de eerste oorlogsdagen passeerden op weg naar Kalmthout waar zij per trein richting Duitsland gingen. (PW = krijgsgevangenen) Lees hierover verder in de toevoegingen. Op de Kalmthoutse heide werden de troepen geoefend waarbij er al eens granaten op het dorp terecht kwamen. Verder verbleven er in de gebouwen van Kindervreugd troepen in opleiding voor het afvuren van V1's. Men was zelf van plan om in de heide een lanceer-installatie te bouwen maar het is bij een verharde weg en een treinspoor gebleven. Wel heeft men bij de bevrijding oefen-V1's gevonden in de hangars die op het domein "Kindervreugd" stonden. Tijdens de terugtocht van de Duitsers, verbleef generaal Model en graaf von Hindenburg in de pastorij van Achterbroek. Na de bevrijding van Antwerpen moest Maria-ter-Heide en het kamp wachten tot begin oktober om samen met Brasschaat door de Canadezen bevrijd te worden. Er was veel schade aan de gebouwen van het dorp en aan de militaire installaties. Op het einde van oktober werd Wuustwezel bevrijd en men trok via verschillende assen de Duitsers achterna richting Nederland waarbij er weer terug via de Essensesteenweg en het kamp oorlogsgeweld in onze streek was. Dan was er de verschrikking van de V-bommen waarbij er eentje de cavallerie-kazerne in puin legde. Ruimen van puin en ontmijnen van wegen en terreinstroken gebeurden door de Duitsers die nu zelf als PW in een door de Engelsen opgericht PW kamp op het KSV verbleven. Naast Canadezen, Engelsen, Amerikanen en Nederlanders waren er ook Belgische vrijwilligers welke in dienst waren bij geallieerde eenheden in het kamp van Brasschaat. De merkbare gevolgen van de WO II in het kamp zijn: de hoofdletters OH van officiersheim geschilderd op de muren van hotel van de officieren en de kogelinslagen op de muur van de grote manege. Wetenswaardigheden over de periode 38-45: 1938: graven ATk kanaal. Metselen van mijnkamers aan bruggen en kruispunten. 1939: mob. van genietroepen om de springstoffen te plaatsen. Wacht aan de grenzen, bruggen en kruispunten. EM/III (groep) 4A bezet kasteel van Brasschaat (Majoor Lagouge) van 01 september 1939 tot 25 februari 1940. Zij werden afgelost door het 26ste VA Regiment dat er verbleef tot 14 mei 1940. Manschappen en paarden verbleven in de Hemelhoeve. De 75MM kanonnen waren op 3 plaatsen in stelling gebracht: 4 kanonnen van de 8ste batterij op het voetbalveld van de Zegersdreef anderen in de Julialei en aan de rand van het Peerdsbos. Zij hielden hielden het ATk kanaal ondervuur. 1940: mob. in 4 schijven, bij ons lagen bijna 10.000 soldaten (forten en ATk-kanaal) 10 mei -11 mei: GE valt Nederland binnen. Leerlingen van de school bezetten loopgraven aan Pauwelslei en worden later afgelost door een Linie Rgt van de 13 Div. Franse troepen trekken ter versterking via de Bredabaan naar NE (zij hebben enkel Michelinkaarten ter beschikking). Deze troepen worden door GE Stuka en Heinkel bommenwerpers onder vuur genomen. BE AA troepen in Fort Merksem vuren op deze aanvallers. IJzeren poorten aan ATk kanaal sluiten Bredabaan af. 12 mei: GE troepen hebben de overmacht en NE geeft op. Franse troepen trekken achter het Albertkanaal terug. Ook in het Hof van Koch zijn FR soldaten, en GE valt terug aan en bombarderen Wuustwezel en Achterbroek. De GE grondtroepen nemen vele FR gevangenen. De burgerbevolking wordt geëvacueerd. 13 mei: FR trekt artillerie samen te Maria-ter-Heide en Brasschaat. 14 mei: GE overvleugelde Wuustwezel. Men ontdekt GE 5de Coln Pers, vermomd als geestelijken. BE artillerie vuurt vanuit Peerdsbos en onze spoorwegartillerie vuurt vanuit Kontich naar Loenhout. SS Germania jaagt daar de FR voor zich uit. 15 mei: GE is in Achterbroek, zij nemen ATk-kanaal onder vuur. 16 mei: Te Brasschaat vecht 476 GE Rgt tegen BE 33 Li terwijl de FR 256 Inf Div de Duitsers even ophoud aan het fort (481 Rgt) GE 208 Div neemt MTH en het kamp in. BE speciale vestingartillerie zal onder het bevel van kapt. Henry de Lindy tot 18 mei standhouden op de Schans van Driehoek, hij valt zonder munitie en ze geven zich over. 18 mei: GE troepen trekken zingend door Brasschaat. 19 mei: BE troepen welke nu tot achter de Schelde teruggetrokken zijn doen een tegenaanval en er vallen vele GE slachtoffers welke naar het kamp afgevoerd worden. 27mei: Ontploffing van 750 kilogram springstof welke door het Belgisch leger onder de Bredabaan gelegd was. De plaats situeerde zich ongeveer waar nu de Mercedesgarage is. Verdere uitgebreide uitleg in de bijlagen. 28 mei: BE legt de wapens neer en vele soldaten vluchten. GE laat hen tot aan de grote steden komen en neemt hen dan gevangen. In het kamp telt men op 10 september 25.271 PW. Zij worden te Kalmthout op treinen gezet. GE troepen in onze omgeving tijdens de bezetting: Gren Rgt 857 en 858 met elk 3 Bn en Gren Rgt 1018 met 2 Bn. Aie Rgt 346 met 4 Afd van 3 Batterijen. Pioniers Bn 346 en een Schnelle Abteilung. (gemengd Bn) Nachrichten Abteilung 346. Falschirmjäger en Grüne Hitlerjügend. V1 personeel in opleiding. (Kalmthoutse heide) Italiaanse, Poolse en Russische troepen in dienst van GE. SS troepen. (domein Eikelenberg) 6 juni 1944: landing in Normandië. 2/3 oktober 44: Queens Own Highlanders vorderen over St Job en bevrijden MTH. 3 oktober 44: South Saskatchewan komt via de baan Botermelk-Bloemenlei tot Brasschaat. 4 oktober 44: de troepen trekken verder naar Kapellen. 20/21 oktober: langs twee assen wordt de rest van ons grondgebied ontzet. Er zijn nog hevige gevechten langs de Essensesteenweg richting Achterbroek en in de omgeving van Wuustwezel en Loenhout. US troepen zijn nu mee in de strijd en men ziet voor het eerst bloedplasma ten velde toedienen aan de gekwetsten welke in man tegen man gevechten verwikkeld geraakten waar men met schop en bijl elkaar te lijf ging. (US 104 Timberwolf) Na de bevrijding kwamen dan de vliegende bommen en een gordel van AA-wapens schoot er een groot deel van af, voor zij hun doel bereikten. (VT-fuse) Brig Gen ARMSTRONG ontvangt hiervoor gelukwensen van Montgomery. Opm: 548 stuks AA geschut van US en UK oorsprong - 72 schijnwerpers - 3.255.000 zandzakjes rond de stukken als bescherming voor de gunners tegen mogelijke scherven van afgeschoten bommen. Bovendien de nodige radartoestellen om het geheel te coördineren. Buiten de Ops zone der AA-stukken traden Spitfires op, om bommen te onderscheppen (vleugeltip of beïnvloeden van de wind over de vleugel). Eerste bom in Brasschaat op 7 oktober 44. (V2) Laatste bom 27 maart 45. (Mortsel) Het GE Flak Rgt 155 stond onder bevel van Kol Max Wachtel. (47 jaar) De meeste bommen werden afgevuurd vanuit de streek Trier-Koblenz. Max had een Antwerpse vriendin, Isa De Goy, waarmee hij later huwde. Zij verbleven na de oorlog, tijdens hun verlof, veelal in Antwerpen. 1945 Ten voorlopige titel en tot de opruimingswerken in het kamp klaar zijn, heropent de school haar deuren te Helchteren, waar snel een schietveld klaargemaakt wordt. 1946 Onze artillerie, die op: “ Engelse leest“ geschoeid was en uitgerust werd met 25 Pdr voor de VA, 17 Pdr voor de ATk en 40mm voor de AA, ziet haar school terugkeren naar Brasschaat. Het proefcentrum keert eveneens terug en zal haar werkzaamheden op het GSV voortzetten. De voorwacht was reeds in juni in het kamp, de anderen volgden, na een opgemerkte doortocht in Brasschaat, in september. Gezien er in Elsenborn werkelijk niets meer rechtstond na het oorlogsgeweld van het Ardennenoffensief, werd het GSV weer even de oefenplaats der artillerie. Na de herstellingswerken van de "F10" komt daarin de BELAAC (zie speciale uitgave 2000) met een infozaal en op de eerste verdieping een Tf centrale. De eerste sessie SCGA (School voor Candidaat Gegradueerden van de Artillerie) wordt opgeleid. Zij logeren in B33 en de opleiding duurde 25 maanden. 1947 De tweede sessie SCGA begint voor de artilleristen maar ook voor de leerlingen welke later in de Logistieke diensten zullen terecht komen. Het 369ste Escadrille Air OP bezet het vliegveld en er worden cursussen luchtwaarneming gegeven. 1948 In een der oude paardestallen aan de Koningslei wordt de kapel ingewijd door kardinaal Van Roey. Andere paardestallen worden omgebouwd als leszaal, garages of werkplaatsen. Het escadrille wordt herboren als 15 Esc Air OP. Het sportstadion wordt plechtig geopend. 1949 Opening van het openluchtzwemdok tegenover de G-blokjes. Er worden woningen bijgezet o.a. aan de Bredabaan, de Nieuwpoort- en de Bierwertslei. 1950 De groep GTA wordt gevormd (vast kader en WE-soldaten voor luchtbeveiliging). Onze Koreavrijwilligers verblijven een tijdje in het kamp alvorens ingescheept te worden op de Kamina. 1951 Het eerste jaar, Infanterieopleiding, van de SCGA gaat vanaf nu door te Zedelgem het gedeelte Artillerieopleiding (Geschutsschool) blijft in Brasschaat doorgaan. Het 22 GTA bezet een deel van de oude cavalleriekazerne, zij gebruiken de blokken welke niet door de V1 inslag getroffen zijn. Het 34 REME bezet enkele gebouwen van de school. De AA afdeling vertrekt naar Lombardsijde waar de school voor de AA opgericht wordt. In de blokken van de B33 komt een Groep voor Waarneming en Opsporing. Het leger gaat over op US materieel. De soms moeilijke periode van graden, minuten en seconden is voorbij en onze artilleristen keren terug naar het rekenen in duizendsten. De levering van de 105 en 155 mm US in NATO verband zal in de beginfaze onze behoefte niet dekken en sommige eenheden zullen nog verder werken met de 25 Pdr. Na de getrokken stukken US volgen al snel de SP M7 en M44 en het KSV is vol sporen van de rupskettingen als gevolg van de scholingsomlopen. In het arsenaal zet men een loop van kaliber 105 mm op het onderstel van de 25 Pdr. Buiten onze eigen soldaten worden nu ook manschappen van het leger van Luxemburg (KRO) ogeleid. In het proefcentrum worden buiten de testen met al dat artilleriematerieel ook testen voor infanteriewapens afgewerkt. De energa en de vigneron zijn enkele der nieuwe geslaagde ontwerpen. Voor onze getrokken stukken wordt een nieuwe trekker getest en de "Ford F6" doet zijn intrede. 1953 In de school wordt een Bataljon Raketwerpers gevormd, de stukken hebben elk 24 afvuurbuizen en sturen hun 24 raketten van kaliber 4.5 duim in enkele seconden naar hun doel. Het krijsende geluid en de steekvlammen bij het vertrek der raketten was een hels gedoe en wanneer men op de waarnemingspost de uitwerking van het bataljonsvuur observeerde kon dit gemakkelijk met een aardbeving vergeleken worden. 3 x 6 x 24 raketten) De kostprijs van deze slokkoppen was voor ons leger iets te hoog en het bataljon werd in 1960 opgedoekt. Ondertussen is het 34 REME eveneens overgegaan naar US model en wordt 42 Ord. De Militaire Kring aan de Kapellei, destijds gesticht door aalmoezenier De Ridder, had reeds te lijden na een brand in 1938 en was zeker niet gespaard gebleven tijdens het oorlogsgeweld. De Kring was nu uit zijn as herrezen en kreeg er een conferentiezaal bij terwijl op het grotere doek de nieuwste panoramische films konden gedraaid worden. Koning Boudewijn bezoekt dit jaar het kamp en de leerlingen bezorgen hem een prachtige ontplooiing en dito artillerievuur op het GSV. 1954 Het 15de Escadrille ontvangt de nieuwe US Pipercup's en zij gaan over van de Lucht- naar de Landmacht. Het escadrille wordt toegevoegd aan de school. Het OCVA nr 1 komt van Saive naar de splinternieuwe kazerne aan de St. Jobsesteenweg. Zij huizen daar nu samen met het proefcentrum, het 22 GTA en de mobilisatiekern (MK) nr 5. In het proefcentrum verlopen de testen met onze 105 op 25 Pdr affuit gunstig en er wordt uitgekeken naar de testen met het BE ATk kanon 90 mm CATI. Aan de rechtergrens van het GSV is de nieuwe schietstand voor infanteriewapens klaar. deze van het KSV was tijdens de oorlog verdwenen) Op het KSV, waar de rupsvoertuigen nu thuis zijn is er geen enkele stelling nog in te nemen door getrokken stukken en er wordt terrein bijgekocht langs de linkergrens. Op dit terrein komt ook het nieuwe munitiedepot. In het park komt er dankzij kolonel Brenet een sporthoek met tennisvelden, bowling, zwemdok en minigolf. Een speelhoek met toestellen voor de kleinsten en aan de oude ijskelder een vijver met strandje plus een volleybalterrein, voltooide het geheel. Het Koninginnetheater werd opgesmukt zodat de Welfare er voorstellingen kon verzorgen. Soms traden er grote orkesten op en de zaal werd ook ingericht voor het afdraaien van films. De oude garde denkt nog terug aan de opleidingfilms zoals "de B-compagnie" en aan de voorstelling over het venerisch gevaar. 's Avonds werden er gewone films gedraaid en de familie's van de militairen welke in en rond het kamp woonden, waren er welkom. In het Artillerie Tehuis kwam een speelzaal, een bibliotheek en een kapsalon. De dames van de in 1945 opgerichtte Belaac (later MHK) verzorgden de dienst in de kantien. In het kamp trachtte men een fanfare op te richten, maar het bleef uiteindelijk bij een trompetter- en trommelkorps. In allerlei magazijnen waren onderrichters bezig met het vervaardigen van didactisch materieel dat hen kon helpen bij het geven van hun lessen. 1956 Het OCVA nr 2 komt van Helchteren naar Brasschaat. De Koning bezoekt het proefcentrum waar hij de laatste aanwinsten te zien krijgt. In het kwartier West bezoekt hij het munitiedepot en de nieuwe loods voor de 42ste Cie Ord en op het GSV de nieuwe schietstand. De butgetten voor verdere verbouwingen vallen uit de boot en zo gaan de geplande werken aan de sanitaire installaties en de verbetering van de wegen, de omheining en de verlichting niet door. 1957 Een der oude stallen wordt omgevormd tot hondenkennel en de regimentspolitie zal wacht lopen met honden. Luidsprekers vervangen de trompetters en zo valt weerom een traditie weg. 1959 De eerste Natovrijwilligers worden opgeleid. De Koning bezoekt samen met Keizer Haïle Selassië van Ethiopië de school. Na een groots opgezette artillerie-demonstratie schieten de raketwerpers het GSV in brand. De felle wind wakkerde het vuur nog aan en vooral door het nasmeulen van de turflaag waren de troepen dagenlang op het plein om na te blussen. 1960 Het OCVA wordt afgeschaft. Een peloton van de VA-Sch gaat samen met de AA-Sch als marscompagnie naar Kongo. De nieuwe gebouwen voor de infirmerie zijn klaar. In het oude gebouw huist nu de SCV. In de zone van de garages wordt het sanitair-complex Lt-Kol Van Egeren geopend. 1963 De Standaard van het 18 Rgt Aie, dat op 14 december 1926 ontbonden werd, wordt aan de school toevertrouwd. 1965 Het 18 RA, komende van Euskirchen in Duitsland, neemt haar intrek in de kazerne van het kwartier Oost. Vanaf nu wordt deze kazerne "Lt Coppens" genoemd, deze luitenant sneuvelde in Korea op zijn waarnemingspost. Hij was voor zijn vertrek naar Korea een kaderlid van 18 RA. samen met Lt Coppens sneuvelde ook Sgt Doll, oud-leerling van de school) De SP M108, 109 en 110 alsook de raket Honest-John doen hun intrede. 1966 Op 24 juni wordt het nieuwe wapenschild van de school tijdens een plechtigheid voorgesteld. Het vorige, dat nog steeds op de muts gedragen wordt, dateerde van 1885. 1968 Op de eerste verdieping van de blok G2, wordt de nieuwe schietkamer "Barannof" in gebruik genomen. De voorwaartse waarnemers krijgen hier lessen in zaal, waarbij een panorama via een gesloten TV-circuit op de schermen verschijnt. De leerling die het vuur uitvoerde, keek door een kijker naar het panorama en gaf nadat een schot afgevuurd werd, zijn verbeteringen door of de nodige bevelen voor een uitwerking. De rookpluim van de simulatie van het afgevuurde schot, werd via een elektrisch opgewarmde stift welke licht ontvlambaar poeder aanstak, kenbaar gemaakt. Men kon een batterij met maximum 4 stukken laten vuren en de spreiding der schoten kon geregeld worden door het personeel dat de gegevens van een fictief schootsbureel aan de stukken gaf. De vuurprocedure verliep via een geluidsinstallatie welke ook de ontploffingen simuleerde. Bij de oudere schietkamers was het de gewoonte dat een onderrichter onder het panorama kroop waar hij via een vierkanten net de plaats van de inval van de schoten aflas en dankzij sigarettenrook een rookpluim uitblies om de ontploffing te simuleren. 1969 De school is medeorganisator van de massacross voor de jeugd. Vierduizend jongeren uit binnen- en buitenland nemen er aan deel. In dit jaar is er in het kamp ook het feest voor het tienjarig ambtsjubileum van burgemeester Hendrickx. De Brasschaatse burgemeester wordt als Ere-Brigadier der Artillerie erkend. 1970 Galabal in de officiersmess ter gelegenheid van 150 jaar Kamp van Brasschaat op 25 april. Op 6 september was er de Fantasiastoet te Brasschaat, welke eveneens in het teken van 150 jaar kamp stond. Op 25 september was er dan de militaire plechtigheid in het kamp. Onze Vorst was ter plaatse samen met heel wat hoge personaliteiten uit binnen- en buitenland. Het sportplein was voor die gelegenheid omgetoverd in paradeplein. Tribunes, vlaggenmasten en artilleriestukken waren in het decor opgenomen. De troepen waren gekleed in oude uniformen of in de toen nog tot de uitrusting behorende battle-dress, de plooien gestreken als het lemmer van een scheermes en de webb-uitrusting geblancoteerd of gevercoteerd naargelang de functie van de drager. 1971 Na de afbraak van het oude wachtlokaal met de bijhorende cachotten, de keukens en de oorspronkelijke infirmerie, is ons nieuw vaandelfront klaar. Aan de noorderzijde komt het monument ter nagedachtenis van de in de wereldoorlogen gesneuvelde artilleristen. Een milicien van de school was de beeldhouwer (1982) van de in eerste instantie geplaatste Barbara. Later kwam het Barbarabeeld dat jarenlang in Etterbeek troonde, naar Brasschaat. Het kunstwerk van onze milicien verhuisde naar het park officieren. (zie verder) 1973 De onderrichters starten met de opleiding van het kader van de batterij artillerie para-commando. Deze eenheid zal eerst haar intrek nemen in een der blokken aan het vaandelfront om later B33 te bezetten. In de blokken aan het vaandelfront verblijven ook even de recruten van het opleidingscentrum omdat er niet voldoende plaats is in de kazerne van Hoogboom. (6 Li) 1975 De laatste nieuwigheid op het gebied van schietkamer, de Zweedse BT33, wordt in gebruik genomen. 1980 Aanvang van de werken om alle verharde- of kasseiwegen van het kamp, te vervangen door betonbanen. 1982 Op 30 juni 1982 wordt het door Soldaat milicien De Smedt gebeeldhouwde Barbarabeeld ingehuldigd. Onze milicien maakte twee beelden om zeker te zijn en het was een goede beslissing, van het eerste brak een gedeelte van het wapperende kleed af en toen men dan uiteindelijk het tweede beeld op het Paradeplein zou instaleren, brak het hoofd van de romp. Gelukkig was dat snel hersteld. In het: “Gulden boek” van de School staan de namen der autoriteiten vermeld welke aanwezig waren op de inhuldiging. 1983 Eerste ontmoeting te Breda van onze kandidaat onderofficieren met hun Nederlandse collega's. Tijdens deze sportgebeurtenis op militair vlak worden de banden gesmeed om jaarlijks een dergelijke happening te organiseren, afwisselend in Breda en Brasschaat. 1984 Op het GSV wordt het eerste schot met de M109 A2 gelost. Onze artilleristen werken reeds met het nieuwste materieel zoals: Shelter, HP41CV, Collimator en voor de snelle uitwisseling van berichten, rijden de estafettes op Bombardiers. 1985 Nieuwe goniometers en lasertoestellen doen hun intreden. Het muziekkorps van de Grenadiers komt van Duitsland naar Brasschaat. Het in verval geraakte Koninginnetheater wordt gedeeltelijk gerestaureerd en de muzikanten kunnen er naar hartelust repeteren. 1989 Op het lijstje van de te ontbinden eenheden staat ook het muziekkorps van de Grenadiers en zo komt het Koninginnetheater terug vrij. Het zal later gebruikt worden om er een museum voor de artillerie van te maken. Tijdens de eerste trimester van dit jaar werd de watertoren van het GSV door de 2de Cie van 11 Gn vakkundig opgeblazen. 1990 tot 1997 Op 14 juni 1992 na een gezellige BBQ en nadat iedereen naar huis was, wordt tijdens de nacht de Bar Onderofficieren in as gelegd. De uitslaande brand vernielde het ±10 jaar oude gebouw volledig. Het aanpalende gebouw, de Mess Onderofficieren, daterende uit 1894 bleef gespaard. De afschaffing van de legerdienst is een feit. Eenheden worden ontbonden of verplaatst. Het patrimonium van verschillende eenheden zoals 73A, 13A, 18 RA, 43A, 62A, 35A en gedeeltelijk 6A, pronkt in ons museum. De AA school smelt samen met de veldartillerieschool, het 6A maakt eveneens deel uit van de nieuwe organisatie en wij noemen nu "Artillerieschool - 6 Artillerie". Ondertussen werd de batterij artillerie paracommando eveneens verplaatst en zij bezetten nu de kazerne aan de St. Jobse Steenweg, waar zij kortelings hun nieuwe kanonnen kunnen verwachten. In dezelfde kazerne vinden wij ook de Cie MP. Computers, navigatietoestellen, toestellen voor plaatsbepaling per satelliet en nieuwe radio's deden hun intrede bij de artillerie. Nieuwe wiel- en rupsvoertuigen voor allerlei gebruik rijden in onze kwartieren rond. Hopelijk gebruiken wij dit materieel in de toekomst slechts om de vrede in Europa of andere werelddelen te bewaren zoals wij het reeds meer dan vijftig jaar doen. 1998 Sinds half 1997 zijn de herstellings- en vernieuwingswerken aan de oudste blokken van het kamp gestart. Op al deze blokken worden nieuwe daken geplaatst. De blokken A50 en 51 worden met de grond gelijk gemaakt en er verschijnen nieuwe gebouwen welke zullen dienen als logement voor ongehuwden of cursisten van het lager kader. (A52 en A53) Alle modern comfort wordt er in voorzien. (type studio's) De nieuwe "hondenkennel" is klaar. In het noordelijk deel van het kwartier West worden super moderne garages opgetrokken om de reserve voertuigen op een optimale manier te conserveren. Bovendien beschikt het kwartier nu over een "Up to Date" containerpark. De "TOP" ploeg van 4 KDR werkt op volle toeren. Sinds eind 1998 lopen onze militairen in hun nieuwe kledij. Het is wel even wennen, vooral de oudgedienden en de burgers ondervinden wat last bij het ontcijferen van de nieuwe graadkentekens. 1999 De gebouwen van de DRA zijn afgebroken. Geen enkel spoor van deze eenheid is nog terug te vinden tenzij op videoband. Na het wegnemen van de omheiningen binnen in het kwartier lijkt het kamp nog groter dan weleer. De militaire postdienst (SDS) komt van Wommelgem naar Brasschaat (kwartier Oost). Onze wachtdienst aan de ingang heeft nu elektrisch bediende barelen ter beschikking. Het pleintje aan de stafblok noemt nu: "Waregemplein". (peterstad van 6A) Alle rolluiken van de garage B31 zijn weggenomen. Vervanging en of dichtmetsen van de 26 poorten zit er niet in. De westenwind en de regen hebben nu gedeeltelijk vrij spel en dat is nadelig voor het patrimonium van het museum. Ter vervanging plaatst het personeel van het museum een afsluiting met houten rekken, kippendraad en camouflagenetten. 2000 De MVG, de eenheid die het materieel, nodig voor de verdediging van het grondgebied in stand moet houden en waarvan een onderdeel sinds 1997 te Brasschaat was, moest aanvankelijk verhuizen naar Peutie, maar dit werd afgeblazen. Reorganisatie van het logement der ongehuwde Onderofficieren en Beroepsvrijwilligers (M/V). Nieuw meubilair wordt geleverd. Aanplanten van een grote partij nieuwe boompjes langs de wegen en op de open grasvelden van het kwartier. Het monument van de Artilleristen wordt 75 jaar, het museum zet zich in om dit te herdenken (Artillerierevue en brochure Barbara). De verhuis van het Regionaal Munitiedepot Brasschaat naar de Provincie Limburg staat op de planning. Op 27 juli organiseerde de Vuurschool een eerste grote BBQ voor alle oud Artilleristen. De 370 aanwezigen kregen, buiten de verschillende DEMO’s, de kans ons museum te bezoeken. Na de geslaagde BBQ volgde nog een verrassing. Onze Ford F 6 uit de jaren 50 trok een 105MM How Tr bouwjaar 1941 tot voor de A 100. Kanonniers in traditiekledij zetten het stuk volgens de oude GUNDRILL in batterij en losten een blank schot. Vervolgens vertrokken nog een aantal schoten welke om beurten door de VIP’s afgevuurd werden. Men kan stellen dat het handgeklap dat op elk schot volgde de knal van het schot overtrof. In deze gezellige sfeer was de miserie van de felle regenvlagen welke de namiddagactiviteiten soms kwamen storen snel vergeten. De serre, laatste overblijfsel van de vroegere groententuin, wordt afgebroken samen met een kleine paardestal welke destijds nog dienst deedt als hondenkennel. (zie 1957) Weer plaats voor meer groen en jonge boompjes, maar er is meer. Tussen de wildgroei komt de betonnen sokkel tevoorschijn waarop destijds het stuk stond waarmee de tests op de betonnen bunker (het keitjesfort) van het KSV werden gedaan. De tests moesten de weerstand van het beton onderzoeken wanneer er met, wat men destijds dacht, de zwaarste mortier- en artillerieprojectielen van 220mm op gevuurd werd. De Duitsers brachten echter zwaardere mortierbommen van 380 en 420mm mee... (Brialmont en de forten van Namen) De burgerwoningen langs de Koningslei krijgen een face-lift. 2001 Met ongeloofelijk veel inzet van het personeel van het museum, geholpen door de schrijnwerkers van Log CX Noord en de Artillerieschool – 6 A werd de derde zaal van ons museum afgewerkt en dit zal aanleiding geven om een grote reorganisatie van het ten toon gestelde materieel door te voeren. (Van het KML ontvingen wij nogmaals enkele collectiestukken in bewaargeving). Kolonel Jacobs opende het nieuw ingericht Artilleriemuseum op Veteranday, maar de meeste bezoekers mochten wij verwelkomen met de Mars van 18 RA (op Hemelvaartdag) welke nogmaals samenviel met de vier daagse van de modelbouwclubs aangesloten bij MVA. Gezien het museum per betalende bezoeker een bijdrage schenkt aan „Het goed doel“, was het dit jaar Mevrouw Greet Rouffaer (voor haar organisatie ten voordele van zwaar verbranden) die haar indrukken over haar bezoek aan het museum in ons gastenboek schreef. Dit jaar organiseerde de Vuurschool nogmaals een barbecue voor de artilleristen van alle rang en stand. De Demo met SP M 108, bemand door Soldaten in BD uit de jaren 60 was een succesnummer. Het museum was natuurlijk leverancier voor deze (motten vrije) kledij. Daar de Minister van Landsverdediging zijn reorganisatieplan in september bekend maakte, weten wij nu dat er in de loop der komende jaren eenheden zullen toekomen in het Kamp terwijl er anderen zullen verdwijnen. Op 11 september werden er aanslagen gepleegd in de Verenigde Staten van Amerika. Terroristen vlogen met gekaapte vliegtuigen tegen de Twin Towers van het WTC te New York, tegen het Pentagon in Washington en een vierde vliegtuig, dat waarschijnlijk op weg was om tegen het Witte huis te pletter te vliegen, crashte in open veld na een gevecht tussen de kapers, het personeel en passagiers. Een moderne vorm van oorlogvoering ontstaat na deze ramp. Alle Natolanden steunen Artikel vijf van het Natoverdrag. Amerika werd aangevallen, wel niet door een conventionele vijand van het oude type waar landen tegenover elkaar staan, maar door terroristen, alle Natopartners steunen Amerika. Onmiddellijk werd wereldwijd alarm geslagen en ook onze troepen liepen wacht in volledige gevechtsuitrusting. Voor het feest van de artillerie op 07 december kwamen de museumstukken nog eens paraderen en tot ons spijt weigerde de M44 mee te rijden, juist zoals in 1995 met de 175ste verjaardag van het Kamp. Wij zijn er nu zeker van, dit artilleriestuk op rupsen kan enkel rijden op werkdagen. Op feestdagen is het starten, het laten warmdraaien en het rijden met het oog op de colonnevorming nooit een probleem, maar er mee paraderen…dat is ons niet gegund. Lijst van geraadpleegde werken: Le Polygone de Brasschaat: Kol L. Decour Over het vliegveld van Deurne (3 delen): J. Dillen Wuustwezel en Loenhout tijdens WO II: G. Van Wassenhove Hoogboom:Militaire Domeinen: R. Roelands Kalmthout: G. Vorselmans Brasschaat (van heidegrond tot parkgemeente): gemeentebestuur Brasschaat Mapleleaf Route Scheldt: Copp T. en Vogel R. The Victory Campaign: Stacey Warpath Algonquin: Cassidy De Bruggen van Boom: M. Van de Velde De Tram van Brasschaat: E. Keutgens De Burgemeesters van Brasschaat: gemeentebestuur Brasschaat Uit de toponymie van Brasschaat: W. Van Osta Beknopte geschiedenis van de Rijdende Artillerie: M. Harboort Gooreind: Van Gastel. V Bommen op Antwerpen: Jos Celis. Toponymie: Biblio Brasschaat Verklaring bij de schets van de Verkenningseenheid anno 1817 De tekst was opgesteld in het Frans en beschreef de reden waarom men voor het terrein links van de baan moest kiezen. De Bredabaan volgde toen nog een ander tracé en was vanaf de kasseiweg welke tot het domein van baron De Beelen liep, slechts een zandweg richting Nederland. Napoleon zou in 1811 reeds opdracht gegeven hebben om de weg volgens het huidig tracé te leggen en dit om oorlogsredenen. Zie schets: Zone 1: rustplaats voor Postwagens (later uit te bouwen). Zone 2: heidegrond tot het grondgebied van Kapellen en Kalmthout geschikt als oefenveld. Zone 3: heidegrond NIET bijzonder geschikt wegens moeilijke toegankelijkheid (vennen, hellingen en moerassen). Zone 4: keien Ven Zone 5: smidse en ijzergieterij van Sieur Walschot . Zone 6: bijhorende werkhuizen en afdaken. Zone 7: in 1813 kampeerden hier Kozakken (±80) welke deel uitmaakten van de krijgsmacht welke zich tegen Napoleon verzetten. Na de nacht van 14 december zouden Franse troepen onder bevel van generaal graaf Rouget de Kozakken verdreven hebben na een kleine veldslag. De Kozakken trokken zich terug op de heide tussen Wuustwezel en Zundert (verslag van de dienstdoende Meier van Wuustwezel). Zone 8: het kleine riviertje dat nooit droogviel kruist hier de baan. Zone 25 B: de 25 bunders van Generaal Finé (25 bunders is iets meer dan 25 ha). Opmerkingen: Garçondreef waarschijnlijk komende van GARNIZOEN KAMP : afkomstig van het feit dat vroeger de troepen enkel kwamen om te oefenen tijdens de maanden juni tot oktober . Lijst met afkortingen: mm: millimeter GSV: GroSchietveld KSV: Klein Schietveld C: Canon WO I: Wereldoorlog 1914/18 WO II: Wereldoorlog 1940/45 B33: nummering Stwg: steenweg ATk: anti-tank der gebouwen Mob: mobilisatie GE: Engelse afkorting voor Duitsland AA: luchtdoelartillerie Div: Divisie NE: " " " Nederland VA: veldartillerie SS: speciale troepen BE: " " " België Rgt: regiment Coln: colonne FR: " " " Frankrijk Avl: aanval Pers: personeel US: " " " Amerika MTH: Maria-ter-Heide VT: variable time PW: " " " Krijgs- MHK: kantien GTA: luchtbewaking gevangenen REME: herstelling Ord: herstelling OP: " " " waarneming SP: zelfbewegende M: model Pdr: " " " pond Kol: Kolonel Li: Linie OCVA: Opleidingscentrum voor BT33: schietkamer HP41CV: rekentoestel Veldartillerie 6A: 6 Artillerie (enz) RA: Rijdende Artillerie Sch: school
link pagina
http://www.kamp-brasschaat.be/hoofdpagina/index_nl.html
http://www.kamp-brasschaat.be/hoofdpagina/deelsites/teambuilding/index.html
http://www.kamp-brasschaat.be/hoofdpagina/deelsites/opendeur/opendeur.html
http://www.kamp-brasschaat.be/hoofdpagina/deelsites/sportdagen/index.html
http://www.kamp-brasschaat.be/hoofdpagina/deelsites/13september2006/index.html
http://www.kamp-brasschaat.be/index.html
http://www.kamp-brasschaat.be/index_kamp.html
http://www.kamp-brasschaat.be/index_omgeving.html
http://www.kamp-brasschaat.be/index_school.html
http://www.kamp-brasschaat.be/index_sponsors.html
http://www.kamp-brasschaat.be/index-met-kamp.html
http://www.kamp-brasschaat.be/index-pagina.html
http://www.kamp-brasschaat.be/link-pagina.html
http://www.kamp-brasschaat.be/sponsoring.htm
http://www.kamp-brasschaat.be/opendeur.html
http://www.kamp-brasschaat.be/2007.html
http://www.events-brasschaat.be
sponsors
http://www.stone-printingshop.be
http://www.stone-printingshop.se
Submit URL to our human-edited web directory. Add your link today.